Beperkte kennis elektriciteit zorgt voor moeilijke arbeidsmarktaansluiting
Wie zal nog sleutelen aan de elektrische voertuigen van morgen?

De garage- en koetswerksector investeert fors in de bijscholing van zijn techniekers én in de bijscholing van jongeren en hun lesgevers. Deze laatste investering rendeert echter ondermaats. Slechts één jongere op tien slaagt voor de proef basiselektriciteit die de sector organiseert in het laatste jaar secundair onderwijs. De meeste jongeren missen dus de essentiële basiscompetenties op het vlak van elektriciteit en zullen het bijgevolg heel moeilijk hebben om de noodzakelijke bijscholing in de eerstvolgende jaren in een mobiliteitsbedrijf te volgen. Het verbeteren van de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt kadert in de strategie van de sector om de instroom van medewerkers te verbeteren. Voor een aantal beroepen kunnen jongeren in het onderwijs hun theoretische en praktische kennis en kunde bewijzen op het einde van hun opleidingscyclus als zij deelnemen aan de sectorale proeven. De slaagpercentages tonen sinds 2014 aan dat 9 op 10 jongeren in hun laatste jaar secundair onderwijs de essentiële basiscompetenties op het vlak van elektriciteit en elektronica missen. De investering van de sector van meer dan 100.000 euro op jaarbasis in de basisopleiding rond elektriciteit voor lesgevers en jongeren is dan ook moeilijk verdedigbaar. Auto-elektriciteit is een behoorlijk abstract gegeven, maar toch scoren de jongeren in systemen van alternerend leren aanzienlijk beter. Dit is grotendeels te danken aan het feit dat de aansluiting tussen theorie en praktijk beter gegarandeerd wordt in een vruchtbare samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Om het ontbreken van de evidente basiscompetentie op het vlak van elektriciteit te counteren, omarmt de sector de mogelijkheid om vanaf dit schooljaar bilaterale overeenkomsten te sluiten met individuele scholen.